Ga direct naar


Inspiratie: Toerisme als economische motor in de regio

Monday 12 September 2011 17:15

Op maandag 12 september vond de vierde sessie van de inspiratiereeks plaats. Toerisme speelt een belangrijke rol in tal van regio’s, een rol die nog veel prominenter kan zijn. Door krachten te bundelen onder het motto ‘co-local’ en innovatieve verbindingen te leggen met andere economische sectoren komen de opbrengsten van toerisme optimaal ten goede aan de regio. Tijdens deze sessie was Ignace Schops onze inspiratiebron. Ignace Schops is oprichter van het Nationaal Park Hoge Kempen in Vlaanderen, 'International Tourism Ambassador 2008' en Internationaal Ambassadeur van de Biodiversiteit - Countdown 2010.  

 

Ignace begon zijn verhaal met een inleiding over het belang van biodiversiteit en natuurbeheer. Vanuit zijn achtergrond als bioloog heeft hij jarenlang gewerkt aan de totstandkoming van Vlaanderens eerste nationale park Hoge Kempen. U kunt zijn presentatie hier bekijken.

 

Een van dé doelstellingen van het Nationaal Park Hoge Kempen (NHPK) is de biodiversiteit in het park te versterken. Dit is de lokale bijdrage van het NPHK aan een globaal vraagstuk van een slinkende biodiversiteit onder andere door toedoen van de klimaatverandering en de groeiende druk van bevolking en bewoning. Toch wordt toerisme en recreatie als economische motor voor deze regio ingezet. Toerisme omwille van de fauna en flora is regelmatig een slang die in haar eigen staart bijt. Er zijn inderdaad voorbeelden waarbij natuur de motor is om meer toeristen aan te trekken maar waarbij juist dat toerisme die natuur beetje bij beetje aanvreet en te niet doet. Zodat uiteindelijk er minder natuur is waardoor op lange termijn het toeristisch succes daalt. “Duurzaam toerisme kan die dubbele negatieve spiraal doorbreken”. Een stelling die Ignace Schops, oprichter van het Nationaal Park Hoge Kempen, vurig verdedigde.

 

Het NPHK voerde bij de opstart van het Nationaal Park een nulmeting van de biodiversiteit uit. Binnenkort zal deze meting herhaald worden en de ambitie is dat de biodiversiteit zeker niet gedaald mag zijn, liefst integendeel. Maar hoe valt dit te rijmen met het groeiende toerisme in het Nationaal Park? Elk jaar zakken immers honderdduizenden bezoekers naar het park af.

 

Het NPHK brengt dit reeds in de praktijk door de manier waarop ze toerisme en natuur verzoenen. Dit blijkt onder andere zeer duidelijk uit het model dat het NPHK gebruikt voor de ontwikkeling van het toerisme met behulp van de toegangspoorten tot het park. In plaats van deze poorten in het park te leggen (scenario 1), liggen ze buiten het park (scenario 2). Ze zijn gebouwd op plekken waar al een (beperkte) recreatieve en toeristische activiteit was. Zo is er bij een van deze poorten een “blote voetenpad” aangelegd waar jaarlijks 100.000 bezoekers 3 euro betalen om 1.5 uur op hun blote voeten door de natuur te lopen. Deze bezoekers hebben het gevoel dat ze het nationale park bezocht hebben terwijl ze het park in feite niet betreden hebben. Ignace gaf aan dat op sommige plekken het park wordt uitgebreid richting poorten om de natuurlijke link tussen de poort en het park nog te versterken. En zo doet toerisme het nationaal park zelfs groeien, terwijl de regionale economie daar sterk van mee profiteert.



Het verhaal van Ignace inspireerde de deelnemers tot een levendige discussie tijdens het diner. Onderwerpen die aan bod kwamen waren onder andere:

  • Hoe zit het met de rol van ondernemers en overheden als het gaat over regionale toeristische ontwikkeling? Wie moet een trekker zijn? In dat kader is het belangrijk vast te stellen dat de economische meerwaarde van een overheid pas blijkt als zij zich terugtrekt, zoals in Nederland met de bezuinigingen het geval is.
  • De emotionele waarde van de natuur is belangrijk, dus de natuur heeft ruimte nodig. Het is belangrijk om een goed evenwicht te vinden met de ‘economische’ exploitatie. Het ruimtelijk model van het Nationaal Park Hoge Kempen, met de toegangspoorten en het grootste deel van de belevingselementen aan de rand van het park en de natuurwaarde in het midden, is een nieuw soort model dat probeert om alles in evenwicht te brengen.
  • Bij de ontwikkeling van nieuwe producten en concepten en zeker van toeristische regio’s, is het belangrijk vanuit je eigen passie en visie te vertrekken en niet meteen alles geforceerd in functie van doelgroepen te concipiëren. Je doelgroepen kom je en cours du route tegen, en je bepaalt je belevingsmeerwaarde in co-creatie met (mogelijke) doelgroepen. Dit sluit natuurlijk niet uit dat je geen strategische keuzes moet maken, maar ook hier gaat het om een evenwicht tussen vraag en aanbod.
  • Het meten van het economisch belang van toerisme voor regio’s is een heikel punt. Zo wordt de opportuniteitskost zelden tot nooit in rekening gebracht (= was de investering elders gebeurd, hadden we dan meer toegevoegde waarde gecreëerd?). Bij toerisme is dit extra moeilijk. Ook het aspect van ‘wat is toerisme en wat is recreatie’ zorgt voor ruis op de cijfers.
  • Interessant aan het model van het Nationaal Park Hoge Kempen is ook dat zij niet a priori een maximaal aantal bezoekers vooropstellen, maar juist dynamisch monitoren in welke mate de natuur de bezoekersstroom aankan en in functie daarvan worden de toeristische doelstellingen bijgestuurd. De natuur is dus het ijkpunt, en de manier waarop bezoekersstromen worden geleid staan in functie daarvan. Het Nationaal Park Hoge Kempen vormt overigens een mooi voorbeeld van hoe er vanuit andere sectoren richting toerisme wordt gekeken om hun doelstellingen te bereiken. Ook vanuit cultuur bijvoorbeeld wordt toerisme meer en meer als een logische partner gezien waarmee synergieën kunnen worden opgebouwd in plaats van een concurrent.
  • Om een regio toeristisch te ontwikkelen, moet je iedereen mee hebben. Om dat duurzaam te doen, moet je ook je toeristische ondernemers vanaf het begin meenemen in een traject “hoe kan je maatschappelijk verantwoord ondernemen”. Daar ligt ook een belangrijke rol voor de overheid.

Met dank aan Ideabloggers.be  

Locatie

 

Deze inspiratiesessie vondplaats in Antwerpen.
We waren te gast in Het Koetshuis, Paleis op de Meir, Meir 50 in Antwerpen. Meer informatie vindt u hier.

 

Deelnemers

 

Benieuwd naar de deelnemers? Bekijk hier de deelnemerslijst

 

 

De inspiratiereeks wordt georganiseerd door Kenniscentrum Kusttoerisme en Toerisme Vlaanderen. 

De inspiratiereeks wordt mede mogelijk gemaakt door een bijdrage van Pieken in de Delta Zuidwest-Nederland.

 

 

« Back





Snelkoppelingen

Bookmark and Share